Wembley van Richard Osinga

Posted by Wilco on June 01, 2006

wembley
Dit is fragment nummer 195 van het boek “Wembley” van Richard Osinga.

Ik heb het volgende bedacht: ik klim over het hek en speel mee op een training van Ajax. Als ik goed genoeg ben mag ik blijven.
Ik heb een droom. Ik wil bij Ajax spelen.
Ik heb een droom. In mijn droom zit Dioudi op de tribune, in een witte jurk, met haar vader naast haar. Haar vader is trots, trots op mij. Hij weet dat hij de juiste keuze gemaakt heeft door zijn dochter aan mij te schenken. Hij denkt niet langer aan de rijke ambtenaren uit de hoofdstad, die hem kruiwagens met geld als bruidsschat gebracht zouden hebben, hij is tevreden, want daar beneden op het veld in het roodwitte shirt, daar staat Wembley, zijn zoon.
Wat heb ik te verliezen? Niets dan mijn droom.
Waarom speelt de een op een stoffig veldje en de ander bij Ajax? Niet omdat niemand is komen kijken. Je kunt niet wachten tot er iemand naar jou toe komt. Je moet er zelf op afgaan. Het is net als met vrouwen. Je kunt niet wachten tot een vrouw zegt: ‘nu mag je me nemen’. Je moet haar verleiden, haar woorden toefluisteren, haar dingen beloven, dingen die je misschien niet waar kan maken, maar dat is van later zorg. Het gaat om het bereiken van je doel. Cantona weet veel en hij begrijpt veel dingen, maar een ding onderschat hij. Elke tegenstand, alle ongeschreven wetten, alle onzichtbare handen kunnen buigen voor een man die weet wat hij wil.
Als je geen doel hebt, dan blijft het leven voetbal zonder goals. Ik weet wat ik wil. Ik heb een droom en ik ga die droom waarmaken. Cantona zegt: ‘Je kunt niet gewoon naar Ajax toegaan.’
Ik kan het wel. Natuurlijk kan het. Cantona onderschat me.

Naar het beginDoe meeLees verder >>

Trackbacks

Use this link to trackback from your own site.

Comments

Leave a response

Comments